Volgende week: gaat ECB overstag na strategische verschuiving?

The ECB clarifies its policy position following June’s strategic shift this week. Data is dominated by UK monthly retail sales following a bumper second quarter, and a flurry of PMI reports. Meanwhile, Q2 earnings season heats up on Wall Street.

De ECB verduidelijkt deze week haar beleid na de strategische verschuiving van juni. De gegevens worden gedomineerd door de maandelijkse detailhandelsverkopen in het VK na een goed tweede kwartaal, en een stortvloed aan PMI-rapporten. Het cijferseizoen voor het tweede kwartaal dendert ondertussen ook door.

Laten we beginnen met de belangrijkste aankondiging van de centrale bank deze week. De beurt is nu aan de ECB. De markten zullen de volgende stappen van de ECB aandachtig volgen, aangezien de ECB zich eerder vorige maand heeft verbonden tot een strategische koerswijziging.

De inflatie is de afgelopen tijd gestegen in het VK en de VS. Hoewel de inflatie in de eurozone een paar weken geleden van het hoogste niveau in twee jaar is gedaald, stond het effect ervan hoog op de agenda van de monetaire beleidsmakers van de EU.

Volgend op een strategische beoordeling die achttien maanden duurde, heeft de EU de inflatiedoelstelling aangepast naar twee procent. Volgens marktanalisten geeft dit het blok genoeg speelruimte om a) tijdelijk hogere inflatie boven deze doelwaarde te accepteren, en b) rentetarieven op of nabij de historisch lage niveaus te houden.

Zou dit kunnen leiden tot een wijziging van het monetaire pandemiebeleid? Dat is mogelijk, maar het feit dat er ruimte is voor de ECB-beleidsmakers om de rente laag te houden suggereert dat er geen sprake van grote veranderingen in het huidige monetaire traject van het blok zal zijn.

Tijdens de vergadering van juni heeft de Europese Centrale Bank haar toezegging herhaald om in het kader van het PEPP-mechanisme voor 1,85 biljoen euro aan activa op te blijven kopen. Dit zou in elk geval tot maart 2022 van kracht blijven.

Wat de cijfers betreft, gaat het deze week vooral om de Britse detailhandelsverkopen voor juni en de vergelijkingen van maand tot maand.

We kunnen de cijfers van juni peilen aan de hand van de detailhandelscijfers voor het tweede kwartaal van 2021, die door het British Retail Consortium samen met KPMG onlangs zijn gerapporteerd.

Volgens het BRC zijn de detailhandelsverkopen tussen april en juni met 10,4 procent gestegen ten opzichte van dezelfde periode in 2019. Het was de hoogst gerapporteerde kwartaalgroei sinds men in 1995 met het bijhouden van deze statistieken begon.

Ook wordt er in het rapport gesproken over de gezondheid van de Britse retailsector in juni. KPMG meldt dat de detailhandelsverkopen in juni met 13,1 procent zijn gestegen ten opzichte van juni 2019.

Omwille van de context vergelijken BRC en KMPG de detailhandelsverkopen met de cijfers van 2019, aangezien de cijfers van 2020 zijn vertekend door de COVID-19-pandemie.

Een combinatie van versoepelde lockdowns, warmere zomertemperaturen en Euro 2020 droeg bij aan de toegenomen retailuitgaven. Daarnaast hadden veel Britse vakantiegangers geen andere keuze dan thuis te blijven, waardoor geld dat anders in het buitenland zou worden uitgegeven in de binnenlandse economie bleef.

Het droeg er allemaal aan bij dat de consumentenvraag explodeerde na het opheffen van de lockdownbeperkingen. Vanaf maandag zijn bijna alle beperkingen op het Britse vasteland opgeheven, waarmee de strijd om de portemonnees van consumenten is begonnen.

Wat interessant zal zijn om te zien is of uitgaven ook hier vooral naar ervaringen zullen gaan. Dit was de afgelopen maanden de tendens in de VS en wellicht zullen ook de Britse shoppers liever dingen gaan doen dan dingen kopen.

Ook staat er voor vrijdag een groot aantal PMI-rapporten uit de VS, het VK en de EU op de planning.

Voor het VK wezen zowel de diensten- als producentenindices van IHS Market erop dat er nog steeds sprake is van flinke groei in het VK.

Om te beginnen met de industriële productie: in juni noteerde de index op 63,9. Dat is iets lager dan het record van 65,6 in mei, maar nog altijd een van de hoogste noteringen in de dertigjarige geschiedenis van de enquête. Industriekenners wijzen er echter op dat wereldwijde toeleveringsproblemen en hoge inputkosten, gecombineerd met stijgende vraag, tot een vertraging van de industriële productie zouden kunnen leiden.

De dienstenindex voor juni toonde eenzelfde beeld als de productie-index: een kleine dip na de piek van mei, maar nog altijd aanzienlijke groei. De uiteindelijke notering bedroeg 62,4. Hogere bedrijfskosten en personeelstekorten kunnen op korte termijn effect hebben op de groei, net als stijgende inflatie. Na de cijfers van juli zullen we meer duidelijkheid hebben.

De EU zal hopen dat het huidige momentum ook in juli kan worden vastgehouden. De cijfers van juni waren namelijk het meest positief in jaren. De samengestelde flitsindex noteerde op 59,2 – iets hoger dan de 57,1 die in mei werd genoteerd. Diensten stegen van 55,2 naar 58,0. Dit duidt erop dat toegenomen vraag de horeca- en dienstensector een steuntje in de rug geeft.

Hoewel het nog steeds goed gaat in de VS kan de piek daar al zijn bereikt, aldus de PMI-rapporten. De samengestelde score voor juni was 63,7 – de op één na grootste stijging ooit genoteerd.

Chris Williamson, Chief Business Economist bij IHS Market, zei daarover het volgende: “Juni was opnieuw een maand van indrukwekkende groei in de productie- en de dienstensector van de Amerikaanse economie, waarmee de sterkste driemaandelijkse groei sinds de eerste gegevens in 2009 beschikbaar kwamen, werd genoteerd.”

“Het groeitempo is echter afgekoeld ten opzichte van de recordmaand van mei, wat erop lijkt te duiden dat het herstel van de economie in het tweede kwartaal het hoogtepunt heeft bereikt.”

Inflatie zal zonder twijfel een grote rol spelen in de PMI-berekeningen van juli. De kernprijzen en overige prijzen gaan hard omhoog in de hierboven genoemde economieën, maar het rapport van vrijdag zal ons meer vertellen over de daadwerkelijke impact op de Amerikaanse economische activiteit.

Ondertussen gaan we langzaam naar de tweede week van het Amerikaanse cijferseizoen voor Q2. Diverse tech- en FMCG-bedrijven publiceren deze week hun cijfers, waaronder bekende namen zoals Netflix, Twitter, Intel, Johnson & Johnson en Coca-Cola.

Dienstenleverancier voor de oliesector Schlumberger kan een bedrijf zijn om in de gaten te houden. De olieprijzen hebben sinds eind vorig jaar het ene na het andere record gebroken. Heeft dit geleid tot toegenomen activiteit voor multinationals zoals Schlumberger en dienovereenkomstig betere financiële resultaten?

Een overzicht van de large caps die deze week op Wall Street hun cijfers bekend maken staat hieronder, maar bekijk vooral ook onze Amerikaanse cijferkalender hier.

Belangrijke economische data

Date Time (GMT+1) Asset Event
Tue 20-Jul 2.30am AUD Monetary Policy Meeting Minutes
 
Wed 21-Jul 2.30am AUD Retail Sales m/m
  3.30pm OIL US Crude Oil Inventories
 
Thu 22-Jul 12.45pm EUR Monetary Policy Statement
  12.45pm EUR Main Refinancing Rate
  1.30pm EUR ECB Press Conference
  3.30pm GAS US Natural Gas Inventories
 
Fri 23-Jul 7.00am GBP Retail Sales m/m
  8.15am EUR French Flash Manufacturing PMI
  8.15am EUR French Flash Services PMI
  8.30am EUR German Flash Manufacturing PMI
  8.30am EUR German Flash Services PMI
  9.00am EUR Flash Manufacturing PMI
  9.00am EUR Flash Services PMI
  9.30am GBP Flash Manufacturing PMI
  9.30am GBP Flash Services PMI
  1.30pm CAD Core Retail Sales m/m
  1.30pm CAD Retail Sales m/m
  2.45pm USD Flash Manufacturing PMI
  2.45pm USD Flash Services PMI

 

Belangrijke cijfers deze week

Mon 19-Jul Tue 20-Jul Wed 21-Jul Thu 22-Jul Fri 23-Jul
Philip Morris International Coca-Cola AT&T American Express
IBM
Netflix Johnson & Johnson Newmont Goldcorp Schlumberger
Verizon Communications Intel Corp
Snap Inc
Twitter Inc